vrijdag 5 oktober 2007

DUERERS ZAADLOZING


Nu weer even over mezelf. Deze maand is mijn zaadlozing van Duerer te bezichtigen in het Nomadisch Museum, Zaal 100, Amsterdam. Komt dat zien!

donderdag 30 augustus 2007

ADDEKKERS INAMSTERDAM


DIT ZAG IK BIJ HET BREDIUSBAD IN DE BUURT. HET IS DUS VERPLAATST. WANNEER WAAROM (hier kan ik veel verkeerde redenen bij bedenken)

AD DEKKERS IN AMSTERDAM 2


klopt NOG STEEDS NIET!

ad dekkers IN AMSTERDAM


EEN ZOEKTOCHT NAAR GEBROKEN CIRKEL

vrijdag 27 juli 2007

tussen pi en plato




Alvast een voorpublikatie van pagina 2 uit het artikel over Ad Dekkers.

woensdag 18 juli 2007

square the circle!

In het kader van de expo die ik voor begin volgend jaar zal cureren, schrijf ik een artikel over ad dekkers. Ik zal hem beschrijven als een platonist die tevergeefs de cirkel trachtte te kwadrateren. Op zich een begrijpelijk idee, maar hij moet hebben geweten dat dit principieel onmogelijk is. En toch, lijkt het bovenstaande plaatje in meerdere opzichten niet het tegendeel te bewijzen??

woensdag 11 juli 2007

KUNST


OK, JULLIE WILLEN UITLEG OVER STELLING 5. NOU DAT DOE IK MET HET BOVENSTAANDE EENVOUDIGE PLAATJE, weer met dank aan nietzsche (en moles). IK MOET TROUWENS WEL METEEN AAN PETER STRUYKEN DENKEN.

donderdag 5 juli 2007

ZEVEN STELINGEN


In antwoord op al jullie goeie reacties een aantal stellingen over kunst (daterend van 1998...., inclusief annotaties+schrijffouten). Ben benieuwd naar jullie invulling van St. 6


donderdag 28 juni 2007

wild foul


APRIL


DE MENS ..... EEN REDELIJK DIER?



VAN ARISTOTELES IS DE OMSCHRIJVING VAN DE MENS ALS REDELIJK DIER. DE REDE, HET VERSTAND, ZOU DAN HET DIERLIJKE IN ONS MOETEN BETEUGELEN.
ANDERE FILOSOFEN, WAARONDER NIETZSCHE, BENADRUKKEN JUIST HET DIERLIJKE IN DE MENS, OMDAT ZE HELEMAAL GEEN HOGE PET OPHEBBEN VAN DE MENSELIJKE REDE.
AL MET AL ROEP DIT DE VRAAG OP OF DE MENS EEN GEEST IN EEN BEEST IS, OF OMGEKEERD, EEN BEEST IN EEN GEEST. CENTAUR OF MINOTAURUS?
ANDERS GEFORMULEERD: HEBBEN WIJ EEN LICHAAM OF ZIJN WE EEN LICHAAM?
MAAR GESTELD DAT WE DE OMSCHRIJVING VAN ARISTOTELES ACCEPTEREN, DAN KUNNEN WE DAARUIT WEL EEN AANTAL VORMEN VAN ONMENSELIJKHEID AFLEIDEN:
1 – HET REDELOZE DIER (DE KRANKZINNIGE, DE IDIOOT)
2 – HET REDELIJK ONDIER (DE PSYCHOPAAT, DE CRIMINEEL)
3 – HET REDELOZE ONDIER (FRANKENSTEIN, DE HULK, ROBOTS)
UIT DEZE BEPALINGEN VAN HET BEGRIP “ONMENS” BLIJKT ZONNEKLAAR DAT ZE ALLE DRIE EEN MORELE CONNOTATIE HEBBEN. REDELOOSHEID OF BEESTACHTIGHEID ZIJN MET NAME TERMEN DIE BETREKKING HEBBEN OP IMMOREEL OF AMOREEL GEDRAG. ZOEKEN NAAR DE BASIS VAN HET MENSZIJN IS KLAARBLIJKELIJK: ZOEKEN NAAR DE BASIS VAN MORALITEIT. DIT ONDERZOEK LEERT VOORAL DAT ONMENSELIJKHEID BESTAAT UIT HET ONTBREKEN VAN GEVOEL, NIET ZOZEER UIT ONREDELIJKHEID. DE BASIS VAN MORALITEIT ZOU DAN BESTAAN UIT HET HEBBEN VAN MEDEDOGEN, HET ONTWIKKELEN VAN EMPATHIE. DE GROTE PARADOX IS WELLICHT DAT DIE BASIS JUIST NIET SPECIFIEK MENSELIJK IS, MAAR INHERENT IS AAN ONS BILOLOGISCH WEZEN. ZO HAALT FRANS DE WAAL EEN STUDIE VAN J. MOGILL AAN WAARUIT ZOU BLIJKEN DAT MUIZEN REEDS EMPATHIE BEZITTEN (NRC, 7-4-2007). MAAKT ONS DIT DIERLIJKER OF DIEREN MENSELIJKER? ZIJN WIJ GEEST IN EEN BEEST OF BEEST IN EEN GEEST? EN VOORAL………WAT IS DE GEEST?

woensdag 27 juni 2007

DE GROT

'westergas' , 200x150 cm, grafiet op papier- BOX&COX

Aangezien we ons toch in de grot van plato bevinden, kunnen we er maar het beste van maken.
Dit klinkt wel heel erg fatalistisch, vervelend. Ik bedoel niet: ons erbij neerleggen. Ik bedoel wel: tegen Plato ingaan, ons schaduwbestaan vieren door het maken van kunst. In dit geval het kopieeren van onze schaduw. Plato wordt boos, maar hij had ongelijk. Zijn kunsttheorie is uit de lucht gegrepen, is logisch onafhankelijk van zijn ideeenleer. Mimesis is een karikatuur van elke kunstvorm. Dus waarom zou kunst ons eo ipso misleiden? Mogelijk brengt ze ons juist dichter bij de waarheid. Ja, waarom zou ze ons de weg uit de grot niet kunnen wijzen? Of zitten wij onherroepelijk gevangen in een web van simulacra zoals enkele postmodernisten ons doen geloven? Hoe modern was Plato?

donderdag 21 juni 2007

GRINDERMAN





PLATO’S CAVE OR DE WAALS CAGE?[1]
OF: hoe verheven we zijn


GRINDERMAN - het nieuwe "onmenselijke" project van Nick Cave


Talloze filosofen hebben geprobeerd DE MENS te omschrijven. Van Aristoteles is de omschrijving “redelijk dier”, Descartes zag de mens als een “denkend ding”, voor Hobbes is de mens de mens een wolf, Nietzsche omschrijft de mens als “het nog niet vastgestelde dier” en Sloterdijk spreekt over de “te vroeg geboren aap”.
Plato omschreef de mens als”ongevederde tweevoeter”. Merkwaardig is deze omschrijving in termen van toevallige uiterlijkheden wel voor Plato, die immers enkel waarde hechtte aan de onveranderlijke en abstracte oervormen.
Wilde hij ons soms vergelijken met een kaalgeplukte kip, zoals Diogenes van Sinope tegenwierp?
Of kon Plato niet loskomen van het beeld van de ziel als gevleugelde boodschapper tussen hemel en aarde?
Hoe dan ook, men kan zich niet aan de indruk onttrekken dat Plato niet een omschrijving gaf van DE MENS, maar eerder een omschrijving van het begrip “ONMENS” heeft gegeven.
Het is kennelijk niet eenvoudig een sluitende definitie van “de mens” te vinden. Laten we het eens via een omweg proberen, door middel van een onderzoek van het begrip ONMENS. Daarna kunnen we - door ontkenning van de gevonden onmenselijke eigenschappen - in elk geval komen tot een aantal noodzakelijke kenmerken van het begrip MENSELIJKHEID.

VRAAG: Welke kenmerken heeft een ONMENS?


…………………………………………………………………………..

………………………………….……………………………………….

…………………………………..………………………………………

…………………………………..………………………………………


Ontkenning van de zo gevonden kenmerken levert wellicht de sleutel tot een definitie van "mens".

Samengevat luidt mijn definitie van DE MENS alsvolgt:

………………………………………………………………………………………………………………………………………


[1]Plato’s Cave verwijst naar de grot van Plato en tevens naar de persoon van Nick Cave. De Waals Cage slaat op het onderzoek dat Frans de Waal heeft gedaan naar het gedrag van primaten.

woensdag 20 juni 2007

NIETZSCHE


HELEMAAL IN DE BAN VAN NIETZSCHE: ALS IK SCHIET, SCHIET IK RAAK

vrijdag 15 juni 2007

SUBLIMATIE


Hierboven staat een tekst over het wezen van de kunst, als onderdeel van de expositie NEOLEO.
De probleemstelling daar was: hoe maak ik van een grondwerk een kunstwerk?
Het antwoord luidde: het beeld wordt losgemaakt van zijn oorspronkelijke drager, doorloopt een toestandsverandering en verschijnt in zuivere toestand als kunst.
Dit is wat de kunstenaar teweeg brengt.
Vooralsnog blijf onopgelost wat een beeld is, maar daarover de volgende keer meer.

donderdag 7 juni 2007

NEOLEO


UIT : ‘PROLEGOMENA TOT EEN MORAAL VAN DE SCHONE SCHIJN’ , door L. Cox


p. 5 - Het Sublimaat = D 8 : De transcendente Schijn, het verhevene

p. 14 - (...) het domein van alles wat onwezenlijk of onwerkelijk is.

- Wonderwereld = D12: De vereniging van de transcendente schijn en het immanente zijn, i.c. van Sublimaat en Substraat

- De wonderwereld bevat alles wat wezenlijk en werkelijk of onwezenlijk en onwerkelijk is.

- Voor zover we een obversief leven leiden, is het leven een hemelvaart.

p. 18 - S6 : Het domein van de etherische extase is de transcendente schijn.

p. 19 - Vol zijn (...) vinden wij obversief

- C1 : U wordt opgespannen door volheid en leegte.

p. 25 - p behoort tot de Wonderwereld = D25 : Np desda p, dat wil zeggen,
p isa obversiviteit desda p onwezenlijk of werkelijk èn wezenlijk of onwerkelijk is.

p. 26 - de wonderwereld is het domein van het scheppende, creatieve en constructieve.

p. 29 - S16 : Het Sublimaat bestaat uit nomina (namen).

p. 30 - Toevoeging: de Wonderwereld is maw het verschil van U met d’Onderwereld.

p. 36 - S28 : de klasse van obversiviteiten is de vereniging van de klasse van namen en de klasse van dragers.

- Met andere woorden, namen en dragers zijn obversiviteiten; wonderlijk noemen we wat obversiviteiten gemeenschappelijk hebben.

- Een naam noemen we een beeld van een drager.

- Wonder = D35 : De vereniging van surjectie en projectie.

p. 37 - Reflectie = D36 : De wonderfunktie van surjectie en projectie.

- Vast staat dat we [hier] met een wonderwerk hebben te maken dat berust op het samengaan van denkobjecten en elementen van formaat, een iteratieve werkwijze waarin afbeeldingen geïnterpreteerd en interpretaties afgebeeld worden.